06-04-08

MS Teniers

Het zeemansleven is niet altijd zo romantisch als in de literatuur beschreven wordt. Na enige jaren op zee gezwalpt te hebben weet men wel beter! En toch is het de geur van romantisme en avontuur dat menig kandidaat destijds de weg naar de Pool der Zeelieden deed vinden. De zeelui die er al wat reizen hadden opzitten vonden het gezwam over romantisme en avontuur gewoon lulkoek De Pool was in de zestiger jaren, toen ondergetekende de stoute schoenen aantrok en zich ging aanmelden, nog in het Hansahuis op de hoek van de Suikerrui en de E. Van Dijckkaai gevestigd. Aan het loket zat een heertje dat naar diplomas vroeg. “Welke dan?” “Kokschool, elektriciteit, schrijnwerkerij?” “Niet?” “Dan is er nog plaats als wiper.” Wist ik veel wat een wiper was. Vanachter het loket werd verduidelijkt dat het voor het onderhoud in de machinekamer was. “Enne,” werd eraan toegevoegd, “een springplank, bijscholen en een examen in de zeevaartschool als volmatroos kan achteraf altijd nog.” (Dat gebeurde later ook).Allee vooruit dan maar. Na de nodige formaliteiten naar t rattekot op de Italiëlei. En enkele dagen later aangemonsterd voor het ms. Teniers, een schildersboot. Daar verstond ik ook de ballen van. Enfin, het bleken vier zusterschepen te zijn met de namen van befaamde schilders: de Jordaans, Rubbens en de Memling waren de “zusterschepen”. Naar t loodswezen om de rol te tekenen. Binnen en buiten daar ik alleen gemonsterd was want den Teniers stond eigenlijk niet op het bord.t Moest nogal vlug gaan want ik werd in de namiddag om vier uur aan boord verwacht. Rap inpakken, afscheid nemen en weg. De Teniers lag aan kaai 211 te blinken in de namiddagzon en men laadde de laatste pakken ijzer. Ik vond het een mooi schip. Een lichtgrijze romp (later werden de rompen van de CMB schepen in ’t rood geschilderd) een spierwit midships, de schouw in het oranje, de CMB kleur. Het zeemansleven is niet altijd zo romantisch als in de literatuur beschreven wordt. Na enige jaren op zee gezwalpt te hebben weet men wel beter! En toch is het de geur van romantisme en avontuur dat menig kandidaat destijds de weg naar de Pool der Zeelieden deed vinden. De zeelui die er al wat reizen hadden opzitten vonden het gezwam over romantisme en avontuur gewoon lulkoek De Pool was in de zestiger jaren, toen ondergetekende de stoute schoenen aantrok en zich ging aanmelden, nog in het Hansahuis op de hoek van de Suikerrui en de E. Van Dijckkaai gevestigd. Aan het loket zat een heertje dat naar diplomas vroeg. “Welke dan?” “Kokschool, elektriciteit, schrijnwerkerij?” “Niet?” “Dan is er nog plaats als wiper.” Wist ik veel wat een wiper was. Vanachter het loket werd verduidelijkt dat het voor het onderhoud in de machinekamer was. “Enne,” werd eraan toegevoegd, “een springplank, bijscholen en een examen in de zeevaartschool als volmatroos kan achteraf altijd nog.” (Dat gebeurde later ook).Allee vooruit dan maar. Na de nodige formaliteiten naar t rattekot op de Italiëlei. En enkele dagen later aangemonsterd voor het ms. Teniers, een schildersboot. Daar verstond ik ook de ballen van. Enfin, het bleken vier zusterschepen te zijn met de namen van befaamde schilders: de Jordaans, Rubbens en de Memling waren de “zusterschepen”. Naar t loodswezen om de rol te tekenen. Binnen en buiten daar ik alleen gemonsterd was want den Teniers stond eigenlijk niet op het bord.t Moest nogal vlug gaan want ik werd in de namiddag om vier uur aan boord verwacht. Rap inpakken, afscheid nemen en weg. De Teniers lag aan kaai 211 te blinken in de namiddagzon en men laadde de laatste pakken ijzer. Ik vond het een mooi schip. Een lichtgrijze romp (later werden de rompen van de CMB schepen in ’t rood geschilderd) een spierwit midships, de schouw in het oranje, de CMB kleur.

(Wordt vervolgd)

13:53 Gepost door Dyke in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

Mijn haar komt nog omhoog staan als ik er aan denk, kapitein hitlet 123 dagen anker Lobito. Bij aankomst in Antwerpen het dievekarreke van de zeevaart politie in en nadien voorkomen .we lagen met 24 schepen op anker in de baai van Lobito en elk schip dat NA ons aankwam van de CMB kreeg voorang om te lossen, wij waren dolgedraaid. Terwijl de ouwe feestjes gaf moesten wij de buikriem aantrekken. De nodige ambras tussen FNLA,UNITA en IMPLA aan de wal deed aan heel het gebeuren ook geen goed. Zelf werd ik de opstandige lichtmatroos die bijna wekelijks in het grote logboek zijn handtekening mocht zetten.
Toch heb ik daar van echte vriendschap genoten, zowel van mijn collega's 5 blanken (de rest waren congolezen) als van alle andere nationaliteiten die daar ook voor anker lagen. Soms als ik de mentaliteit de dag van vandaag zie denk ik toch met weemoed aan mijne "goeie " tijd. eerst de Pomona, Temse, Montalto, Frubel Prinses Paola, Scaldia, Frubel Asia, Turandot ,Breugel en als laatste de Teniers. De slechte ervaring op deze laatste was de aanleiding tot stoppen met varen,want ik was er echt aan verslaafd. koksmaat,deckboy,cabinboy,lichtmatroos en wiper /matroos ben ik allemaal geweest. De rederijen Ahlers,UBEM,BFL,CMB de laatste was de minst aantrekkelijke :oude "bakken" ,militaire dictatuur en gemengde bemanning deden de rest. Toch bloed mijn hartje zo nu en dan.............ik was 14 maar verdomd rijp. Mijn grootste aanwinst??? mensenkennis.
Rudi,

Gepost door: rudi Brosens | 29-04-13

De commentaren zijn gesloten.